Deze pagina geeft achtergrond en toelichting bij de CO₂ Snelstarttool. De volledige gebruiksvoorwaarden vind je verderop op deze pagina.


Het verschil maken met deze tool

Of je nu (aspirant) interieurbouwer, meubelmaker, ontwerper, inkoper, projectmanager of docent bent: hier maak je het verschil. Jouw keuzes bepalen hoe iets wordt gemaakt, welke materialen worden toegepast, hoe lang een product, meubel of interieur meegaat en hoe gemakkelijk het later kan worden opgeknapt of hergebruikt.

Deze tool helpt je om materiaalkeuzes te vergelijken en inzicht te krijgen in hun klimaatimpact. Maar het is slechts een eerste stap. Het echte werk gebeurt bij jou. In de werkplaats, aan de tekentafel en in de gesprekken met collega’s, klanten en opdrachtgevers.

Gebruik de tool bij je volgende project. Deel hem met collega’s of in je offerte, of plaats je resultaat op LinkedIn. Vergelijk een circulaire variant met een conventionele lineaire variant en laat het verschil zien.

Wil je verder dan een snelle indicatie? Lees dan de Snelstartgids Circulaire Meubels voor meer achtergrond en praktische ontwerpprincipes. En heb je exacte projectwaarden, variantenstudies of een volledige CO₂-analyse nodig om tenders te winnen, teams mee te krijgen of klanten overtuigend richting circulair te begeleiden? Stuur me een berichtje – ik denk graag met je mee en help je keuzes direct praktisch toe te passen.

Rick Porcelijn

Circulair Design Expert Mail me

Rick Porcelijn, ontwerper en pionier met de missie om circulaire producten, meubels en interieurs haalbaar, schaalbaar en betaalbaar te maken, met aantoonbaar lagere CO₂ impact.

Gebruiksvoorwaarden

De CO₂ Snelstarttool is een gratis ontwerphulpmiddel, als aanvulling op de Snelstartgids Circulaire Meubels. De tool biedt een eerste, ruwe en indicatieve berekening van de CO₂-impact van materiaalkeuzes op basis van cradle-to-gate data (A1–A3) van de materialen. De uitkomsten zijn bedoeld voor vergelijking en inzicht in de vroege ontwerp- en offertefase en vormen geen volledige Life Cycle Assessment (LCA) en geen juridisch of technisch bindend milieubewijs.

De tool is bedoeld als gesprekstool en ontwerphulpmiddel, niet als instrument om duurzaamheidsclaims te onderbouwen of te verifiëren. Gebruik en interpretatie van de resultaten gebeurt volledig onder eigen verantwoordelijkheid. De gebruiker blijft te allen tijde zelf verantwoordelijk voor het toepassen van professioneel oordeel en aanvullende verificatie of raadplegen gecertificeerde experts waar nodig.

Introductie en duiding

De CO₂ Snelstarttool is ontwikkeld om ontwerpers, makers en interieurbouwers op een laagdrempelige manier inzicht te geven in de klimaatimpact van materiaalkeuzes, met name in een vroeg stadium van het ontwerp- en offertetraject (concept-, schets- en voorlopig ontwerp).

De berekeningen zijn gebaseerd op generieke, gemiddelde data en richten zich uitsluitend op de upstreamfase van materialen: alles wat gebeurt vóórdat een plaat, profiel of halffabricaat bij de leverancier ligt. Deze fase wordt cradle-to-gate genoemd en komt overeen met A1–A3 volgens EN 15804. De berekeningen volgen geen volledige ISO 14040/44-LCA en zijn dan ook niet bedoeld om normatief te zijn of verifieerbaarheid te bieden.

De tool biedt inzicht in relatieve verschillen tussen materialen en ontwerpopties, niet in absolute of projectspecifieke milieuprestaties. Productspecifieke EPD’s, projectspecifieke omstandigheden en downstream levenscyclusfasen zijn niet meegenomen.

De berekeningen zijn gebaseerd op vaste aannames over functionele eenheden, materiaalhoeveelheden en conversies. Deze aannames zijn gekozen om snelle vergelijking mogelijk te maken. De gebruiker kan invoer aanpassen om scenario’s te verkennen, maar de onderliggende methodiek en data blijven generiek en indicatief.

De CO₂ Snelstarttool is geen vervanging voor een volledige LCA, MPG-berekening of formele duurzaamheidsrapportage en is niet geschikt als bewijslast voor aanbestedingen, certificeringstrajecten of wettelijke verplichtingen.

1. Wat je wél mag doen

Je mag de CO₂ Snelstarttool:

  • gebruiken voor je eigen projecten, ontwerpen, offertes en interne studies;
  • eigen data invoeren om berekeningen te maken;
  • de resultaten gebruiken in documenten, presentaties, rapportages en communicatie;
  • de resultaten delen met collega’s en opdrachtgevers;
  • vermelden dat je met deze tool werkt, mits de bron duidelijk wordt vermeld.

Bij gebruik of het delen van resultaten dient altijd de volgende bronvermelding te worden opgenomen: Rick Porcelijn – 16 Mammals design agency

2. Wat je níet mag doen

Het is niet toegestaan om de tool zelf (of een substantieel deel daarvan), waaronder begrepen de opzet, structuur, berekeningslogica, formulieren en interface:

  • te kopiëren, klonen of nabouwen;
  • te hosten of publiceren op een eigen website, platform of portaal;
  • aan te passen en als eigen tool of dienst aan te bieden;
  • commercieel te exploiteren richting derden;
  • te integreren in software, apps of systemen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.

Kort gezegd: je mag de tool gebruiken en de uitkomsten delen, maar de tool zelf niet verspreiden of opnieuw aanbieden.

3. White-label en uitgebreid gebruik

Wil je de tool gebruiken onder je eigen naam of met je eigen logo, of inzetten binnen een organisatie, onderwijsomgeving, platform of commercieel traject?
Dan is een white-label of maatwerkversie op abonnementsbasis mogelijk. Neem hiervoor contact op via: rick@16mammals.com

4. Aansprakelijkheid

Rick Porcelijn en 16 Mammals design agency aanvaarden geen aansprakelijkheid voor beslissingen, handelingen of nalatigheden die worden verricht op basis van de uitkomsten van de CO₂ Snelstarttool.
In het bijzonder zijn Rick Porcelijn en 16 Mammals design agency niet aansprakelijk voor:

  • fouten, onnauwkeurigheden of onvolledigheden in ingevoerde, verwerkte of weergegeven data;
  • verschillen tussen de uitkomsten van de tool en projectspecifieke, productspecifieke of later vastgestelde milieuprestaties;
  • interpretatie of toepassing van de uitkomsten door de gebruiker of door derden;
  • het gebruik van de uitkomsten in communicatie, offertes, rapportages, aanbestedingen, certificeringstrajecten of duurzaamheidsclaims;
  • directe of indirecte schade, waaronder mede begrepen gevolgschade, gederfde winst, reputatieschade of bedrijfsschade, voortvloeiend uit het gebruik van de tool of de resultaten daarvan;
  • de opsteller aanvaardt geen aansprakelijkheid voor claims van derden die voortvloeien uit het gebruik of delen van de resultaten door de gebruiker.


De CO₂ Snelstarttool wordt aangeboden “as is” en zonder enige garantie, expliciet of impliciet, ten aanzien van juistheid, volledigheid, actualiteit of geschiktheid voor een bepaald doel.
Gebruik van de tool en van de gegenereerde resultaten geschiedt volledig op eigen verantwoordelijkheid en risico van de gebruiker.

5. Privacy

De tool verwerkt geen persoonsgegevens en bewaart geen ingevoerde projectdata. Alles wat je invoert, blijft lokaal in je eigen browser.

Informatieve toelichting levenscyclus analyse

Onderstaande schema laat de verschillende A-, B-, C- en D-modules uit de levenscyclus zien. In deze tool tonen we uitsluitend module A (A1–A3). Dat betekent niet dat de overige fases onbelangrijk zijn, maar een groot deel van de milieubelasting vindt al plaats vóórdat een product ook maar één keer is gebruikt: van mijnbouw, bosbouw en oogst tot het maken van halffabricaten.

Juist in deze vroege fase ontstaan de grootste CO₂-pieken, vooral bij het gebruik van nieuwe (‘virgin’) grondstoffen. Daarom richt deze tool zich op cradle-to-gate: de fases waarin ontwerpkeuzes de grootste invloed hebben.

Figuur: impact in de verschillende levensfases

Emissiefactoren en indicatoren
De emissiefactoren in deze tool worden weergegeven als kg CO₂ per eenheid. Technisch gaat het hierbij om kilogram CO₂-equivalenten (kg CO₂-eq). Voor de leesbaarheid en toegankelijkheid wordt in de tool en toelichting gesproken over kg CO₂, waarbij steeds CO₂-equivalenten worden bedoeld.

De gebruikte emissiefactoren zijn bewust generiek en afgerond op één decimaal. Ze geven een eerste, vergelijkend inzicht bij het kiezen en ontwerpen van producten, meubels en interieurs. De waarden zijn afkomstig uit de IDEmat-database, aangevuld met gegevens uit materiaalpaspoorten, zoals Environmental Product Declarations (EPD’s).

De tool richt zich vooral op de indicator Global Warming Potential fossiel (GWPf), uitgedrukt in kg CO₂-equivalenten. Deze indicator is gekozen omdat deze de belangrijkste bijdrage aan klimaatimpact van materialen representeert en breed consistent beschikbaar is in bronnen.

In de praktijk circuleren zeer uiteenlopende materiaalpaspoorten: EPD’s voor bouwmaterialen, en bij elektronische en elektrische producten vaak alleen een Product Carbon Footprint (PCF). Soms is uitgebreide data beschikbaar, maar veel vaker zijn datasets beperkt of incompleet. Om een brede en consistente vergelijking mogelijk te maken voor een grote verzameling materialen, hanteert deze tool daarom de minimaal overal beschikbare dataset. Voor vrijwel alle materialen is GWPf voor de fases A1–A3 beschikbaar, waardoor ontbrekende waarden worden voorkomen en materialen onderling eerlijk vergelijkbaar blijven.

Wie gedetailleerder wil rekenen kan productspecifieke waarden opvragen bij producenten en GWPf-waarden uit EPD’s volgens EN 15804+A2 toepassen, specifiek voor A1–A3.

Waarom B-, C- en D-modules niet zijn opgenomen
De gebruiksfase (B-modules) en de end-of-life-fase (C-modules) verschillen sterk per product, toepassing en project. Ze veranderen echter niets aan het feit dat de initiële productie vaak de grootste impact veroorzaakt, vooral wanneer nieuwe grondstoffen worden ingezet. Daarom zijn B en C niet opgenomen in deze snelle ontwerptool. Energie- en waterverbruik tijdens de gebruiksfase kunnen uiteraard via andere middelen, zoals meters of gebouwbeheersystemen, worden gemonitord.

Module D (recyclingbaten) valt buiten de officiële levenscyclus en mag volgens de norm niet worden verrekend met A–C. Deze module kan via andere bronnen worden bepaald en dient uitsluitend informatief te worden vermeld.

Over hergebruik en circulariteit
De benadering die deze tool hanteert bij hergebruik is praktisch en gericht op circulaire toepassing. De CO₂-impact van de productie wordt volledig toegerekend aan de eerste levenscyclus en verschijnt daar als een piek bij de eerste oplevering of aankoop van een product, meubel of interieur binnen een systeem.

Bij een volgend gebruik – bijvoorbeeld via hergebruik, revisie of renovatie in een nieuw systeem – is deze productie-impact al toegerekend aan de eerste cyclus. In dat geval start een volgende levensfase in de tool met een nulwaarde, of wordt uitsluitend een beperkte extra CO₂-impact meegenomen voor herstel- of bewerkingshandelingen.

Deze benadering is gebaseerd op circulaire ontwerpintenties en is geen normatieve LCA-regel, maar een bewuste en transparante keuze om hergebruik en levensduurverlenging op een eerlijke en inzichtelijke manier te waarderen binnen een ontwerptool. CO₂-waarden worden hierdoor nooit negatief. Hergebruik – als compleet product, onderdeel of materiaal – is daarmee altijd te verkiezen boven thermische recycling of verbranding.

Deze methode wijkt af van normatieve LCA-benaderingen; zij is gekozen om praktische inzichten voor ontwerpkeuzes te ondersteunen in plaats van formele evaluaties of certificeringen.

Impact in de verschillende levensfases
De figuur laat zien hoe de impact over de levensfases van een materiaal verdeeld is, van mijnbouw tot afdanken en recyclen.

Bij producten zonder energiegebruik ontstaat het grootste deel van de milieu-impact vóór de gebruiksfase. Processen zoals mijnbouw, raffinage, smelten, persen, bakken en het kunstmatig drogen van hout (van circa 50% vocht na kap tot 15% of lager) veroorzaken vrijwel altijd de hoogste CO₂-pieken.

Bij producten die tijdens gebruik veel energie verbruiken — zoals ovens, vliegtuigen of andere intensieve systemen — kan juist de gebruiksfase dominant zijn.

Ontwerp als grootste hefboom
Daarom is ontwerp dé plek waar de grootste winst te behalen is. Door materialen met een lage impact te kiezen, massa te beperken en producten demontabel en onderhoudbaar te maken, verleng je de levensduur en voorkom je vroegtijdige nieuwe productie – en daarmee een nieuwe impactpiek in A1–A3.

Ontwerp dat ook het einde van de levensduur meeneemt zorgt ervoor dat onderdelen repareerbaar, herbruikbaar en schoon te scheiden zijn, bij voorkeur als monomateriaal en zonder vervuilende verbindingen.

Meer weten?
Wil je verder de diepte in over goede materialen, ontwerpprincipes voor een extreem lange levensduur en slimme, demontabele verbindingen? Lees dan de Snelstartgids Circulaire Meubels. Daarin vind je praktische principes om meubels écht circulair, repareerbaar en geschikt als monomateriaal grondstof te houden.

Kom je er zelf niet helemaal uit, of wil je sneller de juiste keuzes kunnen maken? Dan denk ik graag met je mee. Van ontwerptraject en value engineering tot lezing of workshop. Ik help je circulaire keuzes direct toepasbaar te maken in jouw project. Je kunt contact met me opnemen via rick@16mammals.com

Informatieve toelichting gebruikte databronnen

IDEmat-database
Voor het merendeel van de materiaalberekeningen is gebruikgemaakt van gegevens uit de IDEmat-database (versie 2026 RevA6). Bij het selecteren van materialen is naar beste inzicht en vermogen steeds de meest representatieve materiaalcategorie gekozen. Indien meerdere relevante varianten van een materiaal beschikbaar waren, is een gemiddelde waarde gehanteerd.

Environmental Product Declarations (EPD’s)
In gevallen waarin de IDEmat-database geen of onvoldoende geschikte data bevatte, is gebruikgemaakt van openbaar beschikbare Environmental Product Declarations (EPD’s), opgesteld conform EN 15804+A2. Hierbij is uitgegaan van de Global Warming Potential, uitgedrukt in kilogram CO₂-equivalenten.

Biogene CO₂-opslag is in deze berekeningen niet in mindering gebracht. Aangezien opgeslagen biogene CO₂ bij verbranding of afbraak weer vrijkomt en de uiteindelijke levensduur en end-of-life-route van meubels en interieurs niet met zekerheid vast te stellen zijn, is ervoor gekozen deze correctie niet toe te passen. Dit voorkomt aanvullende aannames en houdt de berekeningen methodologisch consistent en beperkt in complexiteit.

Product Carbon Footprint (PCF) – elektronische apparatuur
Voor elektronische en elektrische apparaten is gebruikgemaakt van de Product Carbon Footprint (PCF), gebaseerd op een gemiddelde van publiek beschikbare en door fabrikanten gepubliceerde LCA-informatie. Deze PCF’s vormen vaak geen volledige EPD’s en zijn gebaseerd op andere aannames en systeemgrenzen dan materiaal-EPD’s, waardoor directe vergelijking beperkt mogelijk is.

Bij het samenstellen van deze gemiddelde waarden is naar beste inzicht en vermogen getracht de onderliggende gegevens zoveel mogelijk te harmoniseren, met als uitgangspunt een cradle-to-gate benadering. Desondanks kunnen tussen bronnen significante verschillen bestaan.

Gegevens over elektronische en elektrische apparaten zijn vaak onvolledig en beperkt onderling vergelijkbaar. De gepresenteerde waarden dienen daarom uitsluitend te worden beschouwd als een indicatieve orde-van-grootte.

Huishoudelijke apparaten
Voor huishoudelijke apparaten zijn gemiddelde productgewichten herleid uit het rapport Material Flows of the Home Appliance Industry (CECED) en gecombineerd met generieke materiaaldata om tot een indicatieve CO₂-impact te komen.